web statistics

N.B. Al deze begrippen zijn gelieerd aan Ontwikkelingssamenwerking en dienen vanuit deze context gelezen te worden.

a    b     c    d    e    f    g    h    i    j    k    l    m    n    o    p    q    r    s   t    u    v    w    x    y   z

 

3D-concept
Defense, Diplomacy and Development. Het is een politisering van ontwikkelingssamenwerking, waarin ‘traditionele’ ontwikkelingshulp gecombineerd wordt met politieke en militaire actie.

A

ACS-landen
Landen in het Afrikaanse, Caribische en Stille-Zuidzeegebied. De ACS-groep werd door 46 landen opgericht in 1975, via de overeenkomst van Georgetown in het kader van de eerste Loméconventie (1975-1979).

ANBI
Algemeen Nut Beogende Instelling.

Armoede
Gebrek aan mogelijkheden (capacities) van mensen om te realiseren wat zij waardevol vinden (Nobelprijswinnaar Amartya Sen).

B

Bilateraal kanaal (steun via)

Directe hulp van regering naar regering.

Bruto Nationaal Product (BNP)
Het Bruto Nationaal Product is als term vervangen door het Bruto Nationaal Inkomen (BNI). Het is een veelgebruikte maat voor de omvang van een economie. Het staat voor de waarde van alle goederen en diensten die in een bepaald jaar in een bepaald land worden geproduceerd. Dit vermeerderd met de inkomens van eigen burgers die dit in een ander land verdienen en verminderd met de inkomens van burgers die dit verdienen in het land waar het BNP bepaald wordt maar die in een ander land woonachtig zijn.
Het BNI/BNP per hoofd van de bevolking is een maat voor de welvaart van een land.

C

Capaciteitsopbouw
Het versterken van de deskundigheid van partners. Dit is een belangrijke manier om hen zelf in staat te stellen aan armoedebestrijding te doen. Het is een van de belangrijkste aspecten van ontwikkelingssamenwerking in het kader van duurzaamheid.

Civilaterale kanaal (steun via)
Hulp via maatschappelijke organisaties, dat wil zeggen de particuliere organisaties op het gebied van ontwikkelingssamenwerking.

Civil Society
Tussen markt en staat bevinden zich in elke samenleving heel veel verschillende vormen waarin mensen samenwerken. Dat brede scala aan activiteiten, organisaties en informele verbanden valt onder de noemer civil society. De meest gangbare vertaling van civil society is ‘maatschappelijk middenveld’.

D

DGIS
Directoraat-generaal Internationale Samenwerking (onderdeel van het ministerie van Buitenlandse Zaken).

E

F

G

Gebonden hulp
Courante praktijk sinds de jaren 1960, waarbij hulpprogramma’s voor ontvangende landen verbonden werden aan de plicht om een deel van de ontvangen hulp te spenderen aan goederen en diensten uit het donorland.

Gedeeltelijk gebonden hulp
Hulp waarbij de geassocieerde goederen en diensten moeten worden aangekocht in het donorland of in een beperkte groep andere landen, waaronder ontvangende landen.

Gender Development Index (GDI)
De GDI is een samengestelde index die de drie basisdimensies van de menselijke ontwikkeling (lang en gezond leven, kennis, een decente levensstandaard) aanpast door rekening te houden met ongelijkheden tussen mannen en vrouwen. Met andere woorden: wanneer vrouwen minder scoren in die dimensies, resulteert dat in een lager GDI (dan HDI – zie menselijke ontwikkelingsindex).

Gender Empowerment Measure
Een samengestelde index die de genderongelijkheid in drie basisdimensies van empowerment meet: economische positie, politieke participatie en beschikking over koopkracht.

Good Governance
Good governance heeft 8 belangrijke kenmerken: Participatie van zowel vrouwen als mannen, handelt volgens wettelijke regels, werkt transparant, verstrekt tijdig informatie aan stakeholders, geconsensus georiënteerd (ook stem van zwaksten uit de samenleving wordt meegenomen), handelt vanuit gelijkheid en inclusiviteit, werkt effectief en efficiënt, zorgt dat corruptie geminimaliseerd is en neemt verantwoording voor huidige en toekomstige samenleving.

Groep van 77
Deze intergouvernementele organisatie werd gecreëerd in 1964 en verenigde oorspronkelijk 77 ontwikkelingslanden. Dat aantal is op dit moment opgelopen tot 130 (de oorspronkelijke naam werd behouden). Het is de grootste intergouvernementele organisatie van ontwikkelingslanden binnen de VN. Via de groep van 77 willen ontwikkelingslanden hun gezamenlijke economische belangen verdedigen en hun onderhandelingspositie versterken. Zie ook www.g77.org

H

Hulpindustrie
Populaire benaming voor de branche van hulporganisaties

Human Development Index (HDI)
De HDI oftewel menselijke ontwikkelingsindex is een samengesteld meetinstrument dat gebruik maakt van drie indicatoren; levensverwachting bij de geboorte; opleidingsniveau gemeten d.m.v. de alfabetiseringsgraad van de volwassen bevolking en de inschrijvingen in lagere, secundaire en hogere onderwijsinstellingen; de levensstandaard gemeten d.m.v. de koopkrachtpariteit. De index werd door UNDP ontwikkeld in 1990. Sindsdien werd het meetinstrument verfijnd en produceert UNDP jaarlijks een rapport met de HDI van de meeste VN-lidstaten (Human Development Report). De HDI focust op de gemiddelde prestaties van een land. Landen met een HDI vanaf 0,800 hebben een hoge menselijke ontwikkeling, een HDI tussen 0,500 en 0,799 wijst op een middelmatige en een HDI onder 0,500 op een lage menselijke ontwikkeling.

Human Poverty Index (HPI)
De armoede-index probeert het concept van capabilities (ontwikkeld door Amartya Sen) te operationaliseren en in te zoomen op de meest gedepriveerde maatschappelijke groepen. De HPI wordt samengesteld op basis van vijf gewogen componenten:

  • het percentage mensen dat sterft voor het veertigste levensjaar;
  • het percentage volwassen analfabeten;
  • het percentage mensen dat geen toegang heeft tot gezondheidsdiensten;
  • het percentage mensen dat geen toegang heeft tot drinkbaar water;
  • het percentage kinderen jonger dan vijf jaar dat ondervoed is (underweight for age).

I

Inkomensgroepen
Internationale instellingen delen de ontwikkelingslanden in in vijf groepen:

  • LDC (Least Developed Countries): deze groep werd door de VN voor het eerst vastgelegd in 1971. Ook: MOL > Minst Ontwikkelde Landen;
  • LIC (Low Income Countries): lage inkomenslanden buiten de MOL met een inkomen per hoofd lager dan 935 USD in 2007;
  • LMIC (Low Middle Income Countries): lage-middeninkomenslanden met een inkomen per hoofd tussen 936 USD en 3705 USD;
  • UMIC (Upper Middle Income Countries): hoge-middeninkomenslanden met een inkomen per hoofd tussen 3706 USD en 11.455 USD;
  • HIC (High Income Countries): hoge-inkomenslanden (11.456 USD of meer)

Internationale Samenwerking
De term internationale samenwerking gaat verder dan de term ontwikkelingssamenwerking. Het gaat hier om een samenwerking die veel verder gaat dan het gebruikelijk verlenen van ‘ontwikkelingshulp’. Echte internationale samenwerking beslaat alle beleidsterreinen die van invloed zijn op ontwikkelingslanden, zoals handel, defensie, landbouw, financiën, migratie en ook ontwikkelingssamenwerking zelf.

J

K

KOF-index of globalization
Deze index meet drie dimensies van globalisering (economisch, sociaal en politiek) via een aantal variabelen (o.a. uitgaand telefoonverkeer, gebruikers van kabeltelevisie, aantal ambassades in het land en het lidmaatschap van internationale organisaties). Op basis van die drie dimensies wordt een algemene globaliseringindex opgesteld.

Koopkrachtpariteit (Purchasing Power Parity – PPP)
Ruilvoet die rekening houdt met prijsverschillen tussen landen zodat de inkomsten en uitgaven internationaal vergeleken kunnen worden.

L

M

MFS
Medefinancieringsstelsel van de Nederlandse Overheid. Zie voor meer info: ministerie van buitenlandse zaken

Minst Ontwikkelde Landen (MOL)
Landen die als zodanig door de VN erkend zijn (de lijst omvatte in 2008 maar liefst 49 landen). Hiervoor worden criteria gehanteerd die verwijzen naar structurele handicaps. De landen mogen niet meer dan 75 miljoen inwoners hebben; hun BNP per hoofd is lager dan 750 USD; ze zijn economisch kwetsbaar (bijvoorbeeld door instabiliteit van landbouwproductie); de menselijke middelen zijn zwak, gemeten aan voeding, gezondheid en alfabetisering.

Multilateraal kanaal (steun via)
Steun via multilaterale programma’s zoals die van de Verenigde Naties en de Europese Unie.

N

Neokolonialisme
Term die gebruikt wordt om aan te geven dat na de dekolonisatie de koloniën weliswaar formeel onafhankelijk waren geworden, maar dat hun economische afhankelijkheid van het westen in feite groot bleef. Het is een benaming voor de politieke, economische en culturele afhankelijkheidsrelatie van voormalige koloniën ten opzichte van geïndustrialiseerde staten.
Neokolonialisme is ook een politieke term die de exploitatie beschrijft waaraan rijke landen zich schuldig maken t.a.v. hun zelfstandig geworden, vroegere koloniale gebieden. Dit concept wordt gezien als de laatste fase van imperialisme.
Er wordt wel gezegd dat we door neokolonialisme de ontwikkelingslanden arm houden.

O

Ongebonden hulp
Hulp waarbij geassocieerde goederen en diensten door het ontvangende land vrij kunnen worden aangekocht in landen naar keuze.

Ontwikkeling (op gebied van ontwikkelingssamenwerking)
Positieve veranderingen op het gebied van armoede, economische groei, gelijkheid, gezondheid, politieke rechten en toegang tot sociale, economische en politieke voorzieningen.

Ontwikkelingssamenwerking (OS)
Hulp aan ontwikkelingslanden met als doel armoede te bestrijden en een duurzame verbetering tot stand te brengen. Het uitgangspunt is dat gever en ontvanger samenwerken om ontwikkeling tot stand te brengen. Er is sprake van gedeelde verantwoordelijkheid en van gelijkwaardigheid tussen gever en ontvanger (Commissie Dijkstal).

P

Participatory Rural Appraisal (PRA)
Een overkoepelende term voor een aantal ontwikkelingsbenaderingen en methodes waarin lokale kennis en participatie centraal staan. In eerste instantie worden die programma’s vooral geïmplementeerd in een rurale setting, maar ondertussen werden PRA’s al in meerdere contexten succesvol uitgevoerd.

Q

R

S

Strijkstok
In het dagelijks leven komt de strijkstok vaak ter sprake in een uitdrukking aan de strijkstok blijven hangen. Hiermee wordt bedoeld dat een deel van de beschikbare gelden (opgebracht door bijvoorbeeld donaties of belastingen) van goede doelen, particuliere initiatieven en overheid niet goed besteed wordt en dat er bijvoorbeeld relatief meer geld naar de organisatie gaat dan naar de hulp/ het doel waarvoor de gelden dienen.

T

TMF
Thematische Medefinanciering is een systeem van financiering van de Nederlandse overheid aan maatschappelijke organisaties die actief zijn op het terrein van internationale samenwerking. Het doel van het subsidiesysteem is een bijdrage te leveren aan structurele armoedebestrijding. De subsidie heeft de vorm van een instellingssubsidie of een programmafinanciering.

U

UNDP
United Nations Development Programme. Zie ook www.undp.org

V

W

X

Y

Z

Het Zuiden
In plaats van Derde Wereld spreekt men steeds vaker over ‘het Zuiden’ omdat derdewereldlanden vaak in het zuiden van de wereld liggen. Het tegengestelde begrip ‘Noord’ verwijst in dit kader naar de Eerste Wereld (zoals de Verenigde Staten en de EU-landen) en de geïndustrialiseerde landen van de Tweede Wereld (zoals Rusland en Polen). Noord-Zuid is een veel gebruikte term om het verschil tussen deze twee werelden aan te geven.

 



begrippenlijstliteratuur en linksvraagbaaklinksvraagbaak
voorproductiebegeleiding
voorlichting versus fondsenwervingethiek en respect in fondsenwervingfondsenwervend televisieprogrammavoorproductie mediareportageleergang goed doel en televisiebetrokkenheid realiseren en behouden
marketingcommunicatieconceptingfondsenwervingvoorlichtingmedia en non profitcreatief klankbord
disclaimercolofoncontactalgemene voorwaarden
kennis
fotografie Carla van de Vijver
over goeddoelgerichtadvies
voor wietraining
contactmediareportage
homekennis

 

Begrippenlijst